Lente in de herfst
Langzaam belandt zij in de herfst. Het speelse buiten trekt naar binnen. Het nette pak ziet meer verdriet dan vreugd en al wat gister was, zal morgen zijn vervlogen. Maar in plaats van bij die pakken neer te zitten, ziet ze met blijdschap bladeren verkleuren, kastanjes uit hun kassen komen, regen de aarde opnieuw vullen.
Ze zou als een kind door plassen willen stampen, over stronken willen klimmen, elfjes willen spreken om te sparren over het vergankelijke goeds.
En als niemand kijkt, kruipt ze weer even in haar lente en is deze herfst er helemaal voor haar alleen.
Lente in de herfst
